Maak kennis met bisschop Smeets


 

Het is allemaal nog een beetje wennen voor Mgr. Harrie Smeets, de nieuwe bisschop van Roermond. Met
één been staat hij nog in de parochiepraktijk in Venray en het andere been is al op weg naar Roermond.
“Ik heb niet gesolliciteerd, maar wel van harte ‘ja’ gezegd.” Een kennismakingsgesprek.
Bent u al een beetje gewend aan de titel bisschop Smeets?
“Amper. In het weekend na de bekendmaking was ik bij een activiteit in Thorn en om mij heen hoorde ik dat de
mensen zeiden: ‘Wat fijn dat de bisschop er ook is’. Toen dacht ik opeens: o, dat ben ik. Het is voor mij nog een
beetje onwerkelijk. Toen ik net deken was, had ik dat ook: je bent iets en tegelijk moet je het ook nog worden.
Ik hoop dat ik de tijd krijg om in het ambt te groeien.”
Hoe hebt u de eerste dagen ervaren, u leek een beetje beduusd door alle aandacht?
“Dat was ook zo. Ik heb in een soort roes geleefd. Ik ging van de een naar de ander. Er was veel mediaaandacht.
Toen ik thuiskwam, dacht ik dat ik in een bloemenwinkel woonde. Ik heb heel veel felicitaties,
kaarten, appjes en sms’jes ontvangen. De meeste waren zeer positief. Ik was een beetje overladen door alle
aandacht. Daags vóór de bekendmaking ben ik het mijn oude dorspastoor, bij wie ik nog misdienaar ben
geweest, gaan vertellen. Hij heeft onlangs te horen gekregen dat hij ernstig ziek is. Hij zei: ‘Eigenlijk hebben we
allebei nieuws te horen gekregen dat te groot is voor een mens.’ Zo voelde ik dat ook.”
Tijdens de persconferentie zei u dat u het niet gezocht heeft om bisschop te worden. Dat is links en rechts
uitgelegd als: hij heeft er eigenlijk geen zin in, maar kan geen ‘nee’ zeggen.
“Zo is dat zeker niet bedoeld. Tijdens de wijding op 8 december lezen we het evangelie van Maria Boodschap.
Dat is precies de passende tekst. Maria wordt ook overvallen door de vraag van de engel of ze de moeder van
Christus wil worden. Eerst sputtert ze wat tegen, maar dan zegt ze van harte: ‘Mij geschiede naar uw woord’. Ze
zegt ‘ja’, omdat God het van haar vraagt. Zo ervaar ik dat ook. Ik doe het, omdat God het op mijn pad brengt.
Dat is echt iets anders dan solliciteren.”
Hoe zou u zichzelf als persoon omschrijven?
Na een kort stilte. “Ik kreeg een felicitatie die me aan het denken heeft gezet. Een van mijn kerkbestuursleden
zei: ‘Ik heb je altijd ervaren als iemand die enerzijds midden in het gesprek zit en anderzijds aan de kant staat en
observeert. Dat herken ik wel. Ik kan me heel gedreven inzetten om ergens iets van te maken, maar ik kan het
ook accepteren als ik merk dat iets niet lukt.”
“De mensen zeiden: ‘Wat fijn dat de bisschop er ook is’. Toen dacht ik:
O, dat ben ik.”
Wat ziet u als uw belangrijkste taak?
Vul hier mijn wapenspreuk maar in. Die heb ik niet voor niets gekozen. In Gods naam mensen liefhebben en
daardoor samen een kerk vormen die leeft vanuit Christus en dat leven deelt met de mensen om zich heen.”
Waar komt die wapenspreuk eigenlijk vandaan?
“Het is geen citaat uit een tekst of zo. Ik zou eerder zeggen dat de Heilige Geest ‘m me heeft ingegeven. Het is
een samenvatting van wat ik in de loop van mijn leven heb ontdekt dat écht belangrijk is.”
Er is u een paar keer gevraagd waar u als bisschop tegenop ziet, maar waar ziet u eigenlijk naar uit?
“Dat ik over een tijdje zo gewend ben in dit ambt, dat ik het idee heb dat ik er in vrijheid mee om kan gaan. In
het begin is het natuurlijk flink wennen. Maar ik zie ernaar uit om veel mensen te leren kennen en hun bisschop
te mogen zijn.”
Hoe wilt u dat ‘mensen leren kennen’ gaan aanpakken?
“Hoe ik het precies ga doen moet ik nog bekijken, maar ik denk erover om een kennismakingsronde door het
bisdom te maken. Dat zal in overleg met de dekens geregeld worden. Ik heb dan wel in Noord-, Midden- en
Zuid-Limburg gewerkt, maar er zijn ook regio’s, waar ik nauwelijks bekend mee ben, zoals Parkstad en het
Heuvelland. Ik ben er heel benieuwd naar.”
Afgelopen jaar is aantal zaken stilgevallen, omdat er geen bisschop was. Die is er nu wel weer, dus de
verwachtingen zijn hooggespannen. Heeft u al bedacht u hoe te werk wilt gaan?
“Hét grote beleidsplan schrijft God in de hemel. Het is aan ons om een antenne te ontwikkelen om Zijn plan
goed uit te voeren. Daarbij kunnen we alle talenten en kwaliteiten gebruiken om dat goed te doen. Volgens mij
betekent dat eerst goed rondkijken, naar mensen luisteren en dan in fatsoenlijk overleg met alle betrokkenen
komen tot de dingen die gedaan moeten worden.”
Weet u al op welke aspecten van het beleid u de nadruk wilt leggen?
“De boodschap verkondigen tussen de mensen. Hoe goed media en moderne communicatiemiddelen ook zijn, er
gaat niets boven persoonlijk contact en een goed gesprek van mens tot mens. Je moet elkaar zien en in de ogen
kunnen kijken, dan komt er ook ruimte om Christus ter sprake te brengen.”
Belangrijk is natuurlijk ook wie uw naaste medewerkers worden. Heeft u al een idee hoe u de bisdomstaf
wilt samenstellen?
“Ja, een idee daarover heb ik zeker. Maar dat moet ik eerst met de betrokkenen zelf bespreken, voordat we dat
kunnen publiceren.”
“Hét grote beleidsplan schrijft God in de hemel. Wij moeten een
antenne ontwikkelen om Zijn plan goed uit te voeren.”
U heeft iets met engelen. Wat is dat?
“Goede vraag. Hoe zal ik dat uitleggen? Op mijn zestiende bevond ik me in een gevaarlijke verkeerssituatie. Ik
voelde een kracht die me aan de kant duwde. Ik ben er heilig van overtuigd dat mijn engelbewaarder toen mijn
leven heeft gered. Sindsdien geloof ik heilig in de beschermende kracht van engelen. Toeval of niet, maar ik heb
mijn benoemingsbrief als bisschop ook ontvangen op de dag van het feest van de engelbewaarders. Los van
mijn geloof in engelen, ben ik ooit als hobby engelenbeelden gaan verzamelen. Dat is een beetje uit de hand
gelopen. Een kleine zevenhonderd heb ik er nu. In alle mogelijke soorten, al dan niet kitscherig. Met Kerstmis
zet ik ook geen gewone kribbe op, maar een engelenstal. Met hele taferelen: een engelenkoor, een
engelenprocessie, een hoekje ondeugende engelen, noem maar op. In Venray deden we dat in de doopkapel van
de Grote Kerk. De mensen vonden het prachtig om naar te kijken. Soms krijg ik ook engelen die niet bij de
verzameling passen. Die gaan dan in de engelenbak. Met Kerstmis mogen de kinderen, die naar de stal komen
kijken, er eentje uitzoeken. Afgelopen jaar heb ik er enkele honderden uitgedeeld. Dit jaar zal het wel niks
worden, maar volgend jaar verrijst er in Roermond vast wel ergens een engelenstal. De rest van het jaar zitten ze
overigens gewoon ingepakt in dozen. Soms sturen mensen mij ook engelen op. Dat is sympathiek, maar ik heb
dat nu liever niet, want ik weet niet waar ik ze laten moet. Ik laat het wel weten als er weer ruimte is om de
verzameling uit te breiden.”
Wat zijn Kletskes?
“Kletskes is dialect voor restjes. Het weekblad van Venray vroeg me ooit of ze mijn zondagspreken in hun blad
mochten publiceren. Maar zonder de context van het evangelie begrijp je daar niets van. Toen ben ik begonnen
om op basis van die preek columns te schrijven: restjes van de zondag. Die zijn de afgelopen jaren onder de titel
‘Kletskes’ in het blad verschenen. Er zijn ook twee bundeltjes van uitgegeven. Met die Kletskes ga ik nu
stoppen. Als bisschop zal ik zeker ook wel iets publiceren, maar ik weet nog niet in welke vorm.”
Wat staat er tussen nu en begin december in uw agenda?
“In de tweede helft van november verhuis ik naar Roermond. Maar vóór die tijd moet ik in Venray nog een
aantal zaken afsluiten. Al zal dat niet helemaal lukken. Ik heb echt het gevoel dat ik daar het mes in het varken
laat steken en zo zit ik eigenlijk helemaal niet in elkaar. Maar het is niet anders. De eerste afspraken in
Roermond dienen zich al aan.”